Poster 14 betekenissen. 1

kies het goede woord.

In het donker moet je licht op je fiets het doen, anders kun je een flinke bekeuring krijgen.
Ik wil goed kunnen spelen op een gitaar. Dus moet ik heel veel oefenen.
Morgen zijn er verkiezingen. Het is bijna zeker dat de opositie zal winnen.
Het supermarktkarretje heeft van die trekkigere wielen. Het wil steeds opzij.
Het regent heel hard. Er zijn maar 2 mensen op straat.
Bij de douane moet je altijd je paspoort laten zien.
Vergeleken met dat meisje ben ik erg dun.
Toen we terug kwamen van vakantie zagen wij dat er dieven waren geweest. Wat een rommel!
Ik heb ongeveer 3 minuten nodig om van school naar de bushalte te lopen.
Omdat we niet de hele tijd konden schrijven, mochten we ook een poosje video kijken in de klas.